Meer- en hoogbegaafdheid

Onze school hoort bij INOS, stichting katholiek onderwijs Breda. Vanuit ons motto en kernopdracht: ‘ik ben, omdat wij zijn’ biedt INOS een inclusief onderwijsaanbod aan. INOS kiest daarmee ook bewust voor thuisnabij MHB-onderwijs. De meer- en hoogbegaafde leerling leert leren tussen zijn/haar vrienden, klasgenoten, bij de bekende eigen leerkracht. Die herkent en erkent meer- en hoogbegaafdheid en biedt onderwijs aan dat bij de leerling past.

Het label MHB

INOS heeft een aantal criteria voor goed onderwijs aan meer- en hoogbegaafde leerlingen omschreven die periodiek bij kwaliteitsaudits worden getoetst. Als een school aan de basiscriteria voldoet, dan is de basisondersteuning voor MHB-leerling op orde en krijgt de school het predicaat MHB standaard.
Als de school aan alle criteria voldoet, dan krijgt de school het predicaat MHB-specialist. Klik hier voor meer informatie op de site van INOS en de lijst met criteria. Onze school heeft het predicaat MHB-Specialist.

Op Kbs Helder Camara hebben wij de Minervagroep. In een de Minervagroep gaat het erom dat meer- en hoogbegaafde leerlingen, aan de hand van uitdagende lesstof, vaardigheden ontwikkelen die zij via het reguliere aanbod niet of onvoldoende leren. Deze vaardigheden hebben zij nodig om later zelfstandig hun eigen doelen te behalen.

MHB op Kbs Helder Camara

Ons streven is dat alle leerlingen, inclusief de meer- en hoogbegaafden, een plek hebben waar ze zich thuis voelen en lekker in hun vel zitten. We willen dat ze een aanbod krijgen waarmee ze uitgedaagd worden, leren leren en werken aan hun executieve functies, waarbij altijd aandacht is voor het zijnsluik.
Lessen worden gedifferentieerd aangeboden. Leerling krijgt de lessen rekenen, taal, spelling en begrijpend lezen aangeboden via de compacting die in de methode zit.
De tijd die na het behalen van de kerndoelen op eigen niveau over is, wordt besteed aan plusdoelen: Eerst vakgebonden verdieping (verder uitdiepen van bestaande onderwerpen), daarna verrijking in de vorm van verbreding (meer onderwerpen). Mocht dit niet voldoende zijn dan wordt er een zorgvraag opgesteld en de expertise van de leerkrachten van de Minervagroep ingezet.

Wat is de Minervagroep?

In de Minervagroep wordt veel gewerkt met spellen en projecten. Met de spellen worden denk- en gedragsvaardigheden geoefend (executieve functies). Voorbeelden daarvan zijn volgehouden aandacht, flexibiliteit of emotieregulatie.
De projecten zijn bedoeld om te leren leren. Leerlingen leren hiermee allerlei vaardigheden zoals: plannen, organiseren, samenwerken, doorzetten, leren van fouten, gebruik van strategieën, etc. Het gaat bij deze projecten dan ook niet specifiek om de inhoud, maar ze worden als middel ingezet om leerdoelen te oefenen.
Met de spellen en de projecten werken de leerlingen ook aan een groeimindset. Ze leren omgaan met fouten maken, ze leren hulp vragen en lopen zeker wel eens tegen hun frustratiegrens aan. We richten ons vooral op het proces in plaats van op het resultaat.

Een dag in de klas

Als we binnenkomen kiezen we een spel uit de Spellenstee. Vaak zijn dit de spellen voor 1 speler, maar in sommige periodes gebruiken we ook de coöperatieve spellen en de strategische spellen.

Een groot deel van de ochtend wordt besteed aan het project van die periode. Iedere 8 weken hebben we een nieuw project. Dat kan van alles zijn. Denk bijvoorbeeld aan architectuur, wiskundige problemen, geschiedenis of muziek.

Wisselend hebben we meestal ook nog tijd voor een raadsel van de week (Grej), een waar- of niet-waargebeurd verhaal of een raadsel uit de Black of Green Stories.

Wat leerlingen zeggen:

“Het is hier gezellig en we doen leuke dingen, maar ik zit hier omdat ik wil leren leren.”

“Ik vind het leuk in de Minervagroep. Je mag altijd een spel pakken als je binnenkomt en we werken met een project. Dat duurt elke keer acht weken.”

“Ik wil graag twee dagen naar de Minerva komen, omdat de opdrachten een grote uitdaging zijn.

“Ik ben hier, omdat ik in mijn eigen klas dingen deed die te makkelijk waren. Ik vind de thema’s leuk die we hier doen.”

“Ik zit hier omdat ik meer uitdaging nodig heb.”

“Ik vind het leuk bij Minerva, omdat het hier moeilijk is. We werken hier aan een leerdoel.”

“Ik vind het leuk om hier te zijn, want ik vind het fijn als het niet zo makkelijk is. En het is hier gezellig en altijd wel een keer grappig.”